
In veel Scrum-teams ligt de focus terecht op verbeteren. Wat kan beter? Wat liep vast? Wat nemen we mee naar de volgende sprint?
Maar wat ik in de praktijk vaak zie, is dat we veel aandacht hebben voor wat niet goed ging, en nauwelijks stilstaan bij wat wél lukte.
En dat is zonde. Niet omdat alles altijd positief moet zijn, maar omdat vooruitgang pas zichtbaar wordt als je het erkent.
Succes hoeft niet groots te zijn
Bij succes denken we al snel aan grote releases, harde deadlines of indrukwekkende cijfers. Maar in Scrum zit succes vaak in kleine dingen:

- een sprint waarin het team zijn sprintdoel écht haalde
- minder work-in-progress dan vorige keer
- een lastig issue dat samen werd opgelost
- een betere samenwerking tussen development en PO
- een retro-afspraak die daadwerkelijk is nagekomen
Dat zijn geen dingen die vanzelfsprekend zijn. Ze zijn het resultaat van aandacht, leren en samenwerken.
Waarom successen vieren werkt
Succes vieren is geen gezellig extraatje. Het heeft een duidelijk effect:

- het versterkt eigenaarschap
- het maakt verbeteringen zichtbaar
- het vergroot motivatie en vertrouwen
- het helpt teams om vol te houden bij verandering
Teams die alleen maar kijken naar wat beter moet, raken sneller vermoeid. Teams die ook stilstaan bij wat al beter gáát, bouwen veerkracht op.
Waar past dit in Scrum?
Succes vieren hoeft geen aparte ceremonie te worden. Integendeel het werkt juist als je het integreert in bestaande momenten:
- Sprint Review: benoem expliciet wat goed ging, niet alleen wat er is opgeleverd
- Retrospective: start met “wat werkte deze sprint?” vóór je naar verbeterpunten gaat
- Daily Scrum: erken samenwerking of hulp die het verschil maakte
- Einde van de sprint: soms is een simpel “dit hebben we samen geflikt” al genoeg
Het gaat niet om taart of confetti (mag wel 😉), maar om bewuste aandacht.
De rol van de Scrum Master
Als Scrum Master heb je hier een belangrijke rol. Niet door successen op te leggen, maar door ze zichtbaar te maken:

- stel vragen die successen naar boven halen
- voorkom dat teams verbeteringen meteen bagatelliseren
- benoem vooruitgang, ook als die nog kwetsbaar is
- bewaak de balans tussen kritisch zijn en waarderen
Wat ik heb geleerd: teams zijn vaak sneller geneigd om fouten te benoemen dan successen. Soms hebben ze iemand nodig die zegt:
“Sta hier even bij stil – dit is niet vanzelf gegaan.”
Pas op voor nep-positiviteit
Succes vieren is iets anders dan problemen wegpoetsen. Echte waardering is concreet, eerlijk en specifiek. Geen “goed gedaan allemaal”, maar:
- “We hielden ons deze sprint aan het sprintdoel, ondanks verstoringen.”
- “De samenwerking met operations liep duidelijk beter dan vorige keer.”
Juist die specificiteit maakt het geloofwaardig.
Tot slot
Scrum draait om leren en verbeteren. Maar leren werkt alleen als je ook erkent wat al werkt.
Succes vieren hoeft niet groot, luid of perfect te zijn.
Klein. Bewust. Samen.
En vaak is dat precies wat een team nodig heeft om de volgende stap te zetten.
